MOB-versie | Naar grote versie






Antwoorden van 16-04-2019 (niveau 1)



eerdere test 16 APR latere test
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 16-04-2019 zo ingevuld:



(Ik ben geen 21 jaar.)


7 % (afgerond)Je suis ne pas 21 ans.
4 % (afgerond)J'ai ne pas 21 ans.
1 % (afgerond)Je ne pas ai 21 ans.
89 % (afgerond)Je n'ai pas 21 ans. 

De ontkenning bestaat uit twee woorden: 'ne/n'' en 'pas'. Deze staan rond de persoonsvorm 'ai'.
Dat is in de andere zinnen niet het geval.

Zie ook de pagina ontkenning.



(Zij worden vaak ziek.)

Elles  ........ souvent malades.


3 % (afgerond)tomberont
6 % (afgerond)tombes
3 % (afgerond)tombe
87 % (afgerond)tombent 

ziek worden = tomber malade
‘Tombe’ hoort bij je, il/elle.
ils tomberont = zij zullen worden
‘Tombes’ hoort bij tu.

Zie ook de pagina tegenwoordige tijd.



(Zij is gestorven op 18 april.)

Elle est décédée ........ avril.


5 % (afgerond)au dix-huitième
5 % (afgerond)sur le dix-huit
9 % (afgerond)le dix-huitième
81 % (afgerond)le dix-huit 



Zie ook de pagina data.



Je prends ........ (een mand) pour faire des courses au marché.

 


27 % (afgerond)une trousse
8 % (afgerond)une boîte
1 % (afgerond)un sac
65 % (afgerond)un panier 

une boîte = een doos
un sac = een tas
une trousse = een etui

Zie ook de pagina valse vrienden.



TOTAALRESULTAAT:
80% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)