MOB-versie | Naar grote versie






Antwoorden van 25-04-2019 (niveau 2)



eerdere test 25 APR latere test
(klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)


De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 25-04-2019 zo ingevuld:



(Heb je een goede vakantie gehad?)

Gebruik het werkwoord dat er tussen haakjes achter staat.

Tu ........ de bonnes vacances ? (passer)


ont passé
93 % (afgerond)as passé 
1 % (afgerond)ai passé
6 % (afgerond)a passé

'A passé' hoort bij il/elle/on.
'Ai passé' hoort bij je/j'.
'Ont passé' hoort bij ils/elles.

Zie ook de pagina verleden tijd.



(De gerechten die zij kookt zijn heerlijk.)

Les plats ........ elle cuisine sont délicieux.

 

 


22 % (afgerond)lesquels
8 % (afgerond)quels
66 % (afgerond)qu' 
4 % (afgerond)que

Bij niet-personen is het betrekkelijk voornaamwoord 'qui' wanneer het onderwerp is en 'que' wanneer het lijdend voorwerp is. 'Que' is hier lijdend voorwerp, en verliest de -e omdat het wordt gevolgd door een klinker.

Zie ook de pagina betrekkelijk vnw..



Vul de zin aan.

(Hij is boos op mij).

Il est fâché ........ moi.


39 % (afgerond)sur
9 % (afgerond)pour
26 % (afgerond)contre 
25 % (afgerond)vers

pour = voor
sur = op (Le livre est sur la table.)
vers = tegen

Zie ook de pagina Voorzetsels.



'Allons enfants de la patrie' (uit het Franse volkslied).

Wat betekent 'enfants de la patrie'?


vaderskinderen
1 % (afgerond)partijleden
99 % (afgerond)kinderen van het vaderland 

partijleden = membres du parti
vaderskinderen = enfants (préférés) du père

Zie ook de pagina idioom.



TOTAALRESULTAAT:
71% goed

Uitleg van de kleuren en symbolen:
GOED GEKOZENhet juiste antwoord (door jou gekozen)
FOUT GEKOZENeen fout antwoord (door jou gekozen)