Pendant la discussion, elle ........ (valt altijd in de rede ) aux autres.
(Wij zijn bij de Sacré Cœur.)
........ au Sacré-Cœur.
(Deze schrijver heeft veel romans gepubliceerd.)
........ écrivain a publié beaucoup de romans.
Cet écrivain = deze schrijver
‘écrivain’ begint met een klinker, vandaar ‘cet’.
Ça = dat ; Ça, c’est difficile
Cette fille = dit meisje
Ce garçon = deze jongen
Waar wordt je gevraagd: Quelle est votre taille?